De eenvoudigste en ook meest toegepaste manier
om de vermoedelijke datum van je bevalling uit te rekenen, is
uitgaan van de eerste dag van je laatste menstruatie en een zwangerschapsduur
van 40 weken ofwel 280 dagen.
Aangezien dit wat moeilijk rekent, heeft de Duitse gynaecoloog
Naegele ooit een foefje bedacht om het allemaal wat makkelijker
te maken. De regel van Naegele, die nog steeds wordt gebruikt,
luidt:
- neem de eerste dag van de laatste menstruatie
- tel daar negen maanden bij op
- doe er vervolgens nog een week (zeven dagen) bij
Een voorbeeld. Stel dat de eerste dag van je
laatste menstruatie 3 juni is. We tellen er negen maanden bij
op en komen op 3 maart. Dan tellen we er nog zeven dagen bij op
en concluderen dat de bevalling rond 10 maart zal plaatsvinden.
Als voorwaarde bij deze berekening geldt dat
je menstruaties steeds regelmatig zijn gekomen, bijvoorbeeld elke
vier weken. Komen je menstruaties steeds een paar dagen eerder
of een paar dagen later, dan moet je deze dagen respectievelijk
van de berekende datum aftrekken of optellen.
Een probleempje bij deze grove rekenmethode
is dat er geen rekening wordt gehouden met het feit dat de ene
maand meer dagen telt dan de andere. Om dat op te lossen, hanteren
artsen en verloskundigen vrijwel altijd een speciaal voorbedrukt
draaischijfje bij het berekenen van de zwangerschapsduur. Hierop
is steeds ook eenvoudig af te lezen in welke week van de zwangerschap
je je bevindt.
Hoe groot is de kans dat je inderdaad
bevalt op de dag dat je uitgerekend bent?
Slechts vier procent van de zwangere vrouwen bevalt inderdaad
op de dag dat ze zijn uitgerekend. Op zich is dit niet verwonderlijk,
want de bevalling is een natuurverschijnsel dat zich niet laat
regelen door 'het afgaan van een wekker'. De bevalling begint
pas wanneer de natuur daaraan toe is en dit verschilt van zwangerschap
tot zwangerschap.
Ondanks het feit dat maar weinig vrouwen op de uitgerekende dag
bevallen, bevallen veruit de meesten toch wel in de buurt van die
datum. In zo'n 75 procent van de gevallen gebeurt het namelijk in
de periode tussen twee weken voor en twee weken na de uitgerekende
datum.
Uitgaande van een berekende zwangerschapsduur
van 40 weken, gaat het dus om de periode van het begin van de 38e
tot het eind van de 41e week. Een bevalling ergens in die periode
is heel normaal en wordt dan ook op tijd (a terme) genoemd. De resterende
25 procent van de vrouwen bevalt voor de 38e week of na de 42e week.
|