Zwangerschapscontrole
Wanneer je voor het eerst zwanger
bent, zul je veel vragen hebben die een verloskundige of een arts
voor je kan beantwoorden. Als je in Nederland zwanger bent, sta je
regelmatig onder controle van de verloskundige of gynaecoloog. Hieronder
lees je wat die controle precies inhoudt.
Wanneer ga je voor controle naar de verloskundige?
week 8 t/m 24 om de 4 weken
week 25 t/m 30 om de 3 weken
week 31 t/m 36 om de 2 weken
week 37 t/m 42 om de week
Zwangerschapsbegeleiding vindt plaats vanaf de 8e week,
in de vorm van controles. Bij elk bezoek worden onder
andere de volgende gegevens bijgehouden:
- gewicht
- bloeddruk
- bloed
- urine
- baarmoederstand
- harttonen
Gewicht en bloeddruk
Een te grote toename in gewicht kan betekenen dat je te veel vocht
vasthoudt. In dit geval krijg je een zoutarm dieet voorgeschreven,
zodat de aanvoer van voedingsstoffen en afvoer van afvalstoffen
beter verloopt. Blijven er te veel afvalstoffen in het lichaam achter,
dan kan dit een zwangerschapsvergiftiging
tot gevolg hebben.
Soms zien we dan van tevoren een aantal signalen:
- je bloeddruk stijgt,
- vochtophoping in handen of voeten,
- sterke toename van het gewicht,
- eiwit in de urine.
Is er een acute stijging van je bloedruk, dan
word je meestal doorverwezen naar een gynaecoloog. Deze zal medicijnen
of een dieet voorschrijven.
Bloedonderzoek
Naast het vaststellen van de bloedgroep van moeder en kind is bloedonderzoek
van belang voor het opsporen van ziektes. Al ben je als zwangere
niet ziek, toch kun je draagster zijn van een bepaalde ziekte. Is
dat het geval, dan wordt in onderling overleg vastgesteld wat de
beste maatregelen zijn. Twijfel je aan aids, dan moet je dit zelf
aangeven.
Verder maakt een bloedprik in je vinger, tijdens
een van de controles, veel duidelijk. Is er te weinig ijzer in je
bloed, dan spreken we van bloedarmoede. Extra ijzertabletten verhelpen
dit euvel snel.
Urine
Je urine wordt onder meer onderzocht op suiker en eiwitten. Normaal
gesproken komen die stoffen niet in je urine voor. Eiwit kan bijvoorbeeld
duiden op een blaasontsteking of op een zwangerschapsvergiftiging.
Suiker in je urine kan betekenen dat je een vorm van suikerziekte
hebt. Als het geen erfelijke vorm is, verdwijnt deze suikerziekte
meestal direct na je zwangerschap.
Baarmoederstand
Aan de hand van de hoogte en de grootte van de baarmoeder kan de
arts of verloskundige de zwangerschapsduur vaststellen. Ook een
groeiachterstand of een te grote baarmoeder worden zo opgemerkt.
Harttonen
Bij elke controle zul je tenslotte - door middel van een apparaat,
de Doptone - even het hartje van je baby kunnen horen. Dat is in
principe vanaf twaalf weken mogelijk, maar soms kan dat nog te vroeg
in de zwangerschap zijn. Zeker als je voor het eerst de hartgeluidjes
van je baby hoort, is dit zeer emotioneel.
Echoscopie
Bij echoscopie
wordt hoogfrequent geluid door de buik gezonden. De teruggekaatste
geluidsgolven worden zichtbaar gemaakt op een beeldscherm, waardoor
onder andere de placenta wordt gelokaliseerd en de grootte van het
hoofd wordt vastgesteld. |